De koepelorganisaties voor gepensioneerden KNVG (Koepel van Nederlandse Verenigingen van Gepensioneerden) en NVOG (Nederlandse Vereniging van Organisaties van Gepensioneerden) zullen vanaf 1 januari 2020 als één nieuwe organisatie door het leven gaan onder de naam ‘Koepel Gepensioneerden’.

Grootste ouderenorganisatie

Door de fusie van onze organisaties ontstaat de grootste ouderenorganisatie van Nederland. De nieuwe Koepel Gepensioneerden vertegenwoordigt direct zo’n 300.000 gepensioneerden en indirect alle drie miljoen gepensioneerden in ons land. Bij de Koepel Gepensioneerden zijn ruim 150 organisaties van gepensioneerden aangesloten, alsmede KBO-Brabant en de Federatie van Algemene Senioren Verenigingen (FASv).

Zoals eerder gemeld door Loon voor Later is de Stichting Pensioenbehoud een procedure tegen de staat begonnen. Inzet daarvan: de Nederlandse pensioenwet is in strijd met Europese regels. Nederland hanteert eigen regels die voorschrijven dat hier onnodig hoge buffers aangehouden moeten worden, waardoor niet geïndexeerd kan worden en mogelijk pensioenkortingen nodig zijn.

De tijdelijke verlenging van de geldigheid van het rijbewijs voor 75-plussers met maximaal één jaar, gaat per 1 december 2019 in. Dat heeft minister Cora van Nieuwenhuizen (Infrastructuur en Waterstaat) in een brief aan de Tweede Kamer laten weten. De ministerraad stemde eerder al in met een aanpassing van het Reglement Rijbewijzen. Het wachten was nog op advies van de Raad van State, die is positief over de verlenging zo meldt de minister in haar brief. Door de regeling kunnen 75-plussers blijven rijden tot het moment dat het CBR een besluit heeft genomen over hun rijgeschiktheid.

Er geldt een aantal voorwaarden voor deze Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB). Zo moet een 75-plusser om in aanmerking te komen voor de regeling de gezondheidsverklaring bij het CBR hebben ingediend vóórdat het rijbewijs verlopen is. Dankzij deze administratieve regeling mag de groep 75-plussers tot maximaal één jaar na verlopen van het rijbewijs doorrijden. Deze automobilisten behouden hun huidige document met daarop de verlopen datum, maar in het Rijbewijsregister zet de RDW een code bij het rijbewijs waaraan af te lezen is dat zij onder de nieuwe tijdelijke regeling vallen. Deze bestuurders mogen dan niet in het buitenland rijden omdat hun rijbewijs daar niet geldig is. In totaal komen er per 1 december direct ruim 86.000 ouderen die hun gezondheidsverklaring hebben ingediend in aanmerking voor de regeling.

Volgend jaar moet er een nieuw Verantwoordingsorgaan (V()) voor PNO Media worden gekozen. De laatste vergadering van het huidige VO zal plaatsvinden op 15 juni, op 14 september zal het VO in de nieuwe samenstelling voor het eerst bijeen komen.
Het VO geeft jaarlijks een oordeel over het handelen van het bestuur van het pensioenfonds. Dat gebeurt op basis van het concept-jaarverslag, van de jaarrekening, van informatie die van het bestuur is ontvangen en van de bevindingen van de Raad van Toezicht. Het VO heeft ook een adviesfunctie.

 

Huishoudens van gepensioneerden zullen er in 2020 gemiddeld zo’n € 20 per maand op vooruitgaan qua koopkracht, althans als er niet gekort wordt (en ook niet geïndexeerd), en mits de prijsstijging (cpi) beperkt blijft tot 1,5%. Dat blijkt uit een prognose van het Nibud.

Deze stijging is (naast de stijging van de AOW), onder meer het gevolg van diverse fiscale maatregelen en aanpassingen bij de toeslagen. Bijvoorbeeld:

* De overgang  naar 2 schijven Inkomstenbelasting wordt versneld ingevoerd, het tarief van de lagere schijf (tot een belastbaar inkomen van €68.507) is een gemiddelde van de oude tarieven, en voor de hogere schijf is het tarief verlaagd. (N.B. Voor AOW-ers lijken er 3 schijven te zijn, omdat geen AOW-premie wordt geheven).

* De maximale zorgtoeslag en de maximale algemene heffingskorting worden verhoogd, en daarna worden ze iets sneller afgebouwd naar nul.

De dekkingsgraad heeft een harde val gemaakt. De actuele dekkingsgraad stond eind augustus op 90,3%, dat is een daling van 5,5% ten opzichte van de maand ervoor.
Het pensioenvermogen van PNO is toegenomen, het probleem wordt veroorzaakt door de sterke daling van de rente. Ook de nieuwe regels van de commissie-Dijsselbloem vergroten de kans op verlaging van het pensioen.
Zie voor meer details pnomedia.nl

“Hieronder een korte uitleg van de diverse dekkingsgraden:
  • De actuele dekkingsgraad, die berekend wordt met de rente van vandaag. Deze dagrente kent twee varianten:
    • de marktrente. Dit is de rente, zoals die op de markt tot stand komt. Voor PNO Media wordt die benaderd door de 20-jaars swap rente in euro’s, omdat de verplichtingen (de nog uit te betalen pensioenen) een gemiddelde looptijd hebben van een kleine 20 jaar. Zie https://sebgroup.com/large-corporates-and-institutions/prospectuses-and-downloads/rates/swap-rates voor de online stand. Kijk bij Swap [Euro] 20 Yr.
    • de ftk-rente (financieel toetsingskader); tot looptijden van 20 jaar geldt de marktrente, voor langere looptijden is deze rente gebaseerd op de ufr-rente (ultimate forward rate). Dit is een wetenschappelijk geconstrueerde rente, omdat in looptijden boven de 20 jaar te weinig handel is/was (zie hieronder) om een betrouwbaar getal op te leveren. De ftk-rente levert voor de pensioenfondsen een hogere dekkingsgraad op dan de actuele rente. Dat kan aanmerkelijk schelen: eind mei was bij PNO de actuele ftk-dekkingsgraad 98,6%, en de marktwaarde-dekkingsgraad 94,2%. De ftk-rente is begin juni 2019 door de Commissie Parameters onder voorzitterschap van Jeroen Dijsselbloem herijkt (dat gebeurt iedere vijf jaar). De ftk-rente is daarbij lager geworden, omdat de marktrentes nu de eerste 30 jaar meetellen in plaats van 20 jaar. Voor pensioenfondsen is dat ongunstiger, omdat die dan meer geld in kas moeten hebben om de toekomstige pensioenen uit te betalen. Dat kan een gemiddeld pensioenfonds straks zomaar 4% dekkingsgraad kosten (o.b.v. de rentestand van eind mei 2019). Voor PNO Media moet dat nog uitgerekend worden.
  • De beleidsdekkingsgraad is het voortschrijdend 12-maands gemiddelde van de actuele dekkingsgraden op basis van de ftk-rente. En is beleidsmatig de toetssteen voor indexeren of korten. Omdat die beleidsdekkingsgraad op 31 december 2018 106 % was, en daarmee boven 104,2 % minimaal vereist eigen vermogen (MVEV) stond, is PNO – als een van de weinige pensioenfondsen (slechts 4 van de 45) die in de gevarenzone zaten – voor de komende vijf jaar ontsnapt aan kortingen. Dat zijn de kortingen waarover nu veel in kranten staat, omdat de grote fondsen (ABP, Zorg en Welzijn, PMT, PME) nog wél in de gevarenzone zitten.
  • De kritische dekkingsgraad. Dat is de ondergrens die in het herstelplan gehanteerd moet worden. Die bedraagt nu ca 92%. Zakt PNO daaronder dan is het niet te verwachten dat het fonds binnen tien jaar het ‘vereist eigen vermogen’ (VEV) van ongeveer 125% bereikt. En dan moet er alsnog gekort worden. Dit is dus een andere korting dan in het vorige punt.
  • De reële dekkingsgraad. Daarmee wordt de mogelijkheid om ‘toekomstbestendig’ te indexeren inzichtelijk gemaakt. Als de reële dekkingsgraad minimaal 100% is, kan het fonds zijn pensioenverplichtingen betalen en nu en in de toekomst de pensioenen verhogen met de prijsstijgingen. Bij PNO was de reële dekkingsgraad eind 2018 85,9%.
Zie verder de website van PNO Media en ook de PNO-jaarverslagen die daar te vinden zijn.”
(met dank aan Ruud Leyendekker)